Deze luchtfoto uit 1939 laat het strijdtoneel zien. Linksonder op de foto bevindt zich de Walburgiskerk met het Walburgisplein. Het H-vormige gebouw direct aan de westzijde van de Rijnbrug is het brigadehoofdkwartier van waaruit de 130 soldaten hun uitbraakpoging waagden. (Foto: Gelders Archief.)

130 Britse soldaten proberen uit te breken bij de Rijnbrug

in Algemeen/Arnhem

Op woensdagavond 20 september moesten de Britse soldaten bij de Rijnbrug in Arnhem hun positie opgeven. Ongeveer 130 Britten probeerden uit te breken via de Walburgiskerk.

Nadat de Duitsers op maandag 18 september en dinsdagochtend 19 september zware verliezen hadden geleden bij hun aanvallen op de Britse posities bij de brug, besloten de Duitsers om hun tactiek te wijzigen.

Met de hulp van zes Tiger VI tanks werden de panden die door de Britten bezet werden gehouden, stuk voor stuk in brand geschoten. Als een pand in lichterlaaie stond, werd het noodgedwongen door de Britten ontruimd.

Als gevolg van die Duitse tactiek hadden de Britse para’s aan het eind van woensdagmiddag 20 september nog maar een paar panden in handen. Alle panden aan de oostkant van de Rijnbrug waren inmiddels in Duitse handen, en aan de westkant stonden alle huizen die de Britten nog bezet hielden inmiddels in brand.

Voor de Britten zat er niks anders op dan om uit te breken. Er waren eenvoudigweg geen panden meer over die verdedigd konden worden.
Majoor Tony Hibbert schreef een paar weken na de Slag om Arnhem een verslag van deze uitbraakpoging:

“Aangezien het brigadehoofdkwartier in lichterlaaie stond werd het bevel gegeven om de gewonden te evacueren naar het huis van kapitein Bell. De beschikbare ruimte was echter totaal onvoldoende doordat het enige deel van het huis dat niet beschoten werd de ruimte onder trap was en een stuk van de gang. Er waren ongeveer 250 gewonden en de beschikbare ruimte was al snel gevuld.

Op dat moment begonnen de Duitsers dezelfde tactieken te gebruiken die zo succesvol waren
gebleken bij het brigadehoofdkwartier, en doordat het huis grotendeels van hout was gemaakt brandde het al snel hevig. Ik was op dat moment een verkenningstocht aan het maken naar enkele huizen naar het noorden aan het Walburgisplein, die ik onbezet aantrof. Ik plaatste een sectie ongeveer 10 soldaten in deze huizen en keerde terug naar het brigadehoofdkwartier, waar ik een aanzienlijke verwarring aantrof.

Beide huizen brandden hevig; de ingangen werden allebei geblokkeerd door de gewonden, en een groot aantal gewonden lag op het plein tussen de twee gebouwen, die werden beschoten en onder mortiervuur lagen. Voeg daar aan toe dat we ook nog een aantal angstige vluchtelingen en Duitse gevangenen bij ons hadden.

Ik melde mij bij majoor Gough, die kolonel Frost had gesproken. Er werd besloten om een wapenstilstand te regelen terwijl onze gewonden werden geëvacueerd en overgedragen aan de Duitsers. Er was geen alternatief.

Uitbraak
Ik vertelde majoor Gough dat het mogelijk zou zijn om iedereen naar de huizen in het noorden te verplaatsen. We slaagden er in om ongeveer 130 man weg te krijgen. Ongelukkig genoeg waren de huizen die ik tien minuten eerder had verkend ook al aan het branden doordat het vuur van een ander huis aan het uiteinde was overgeslagen; deze waren nu ook onhoudbaar.

Kapitein Miller had intussen al een snelle verkenning uitgevoerd nadat hij dit had ontdekt. Hij vond een grote school ongeveer 135 meter verder weg, en de mannen werden hier in ondergebracht.”

(Deze school was de Rooms-Katholieke Meisjesschool aan het Walburgisplein 16.)

Net nadat we waren aangekomen werd een groot aantal van onze lopende gewonden langs de voorkant van ons gebouw afgevoerd. Kort daarop reden Duitsers in vier van onze jeeps en een carrier weg en achter hen aan werd een groep gevangengenomen soldaten weggeleid. Hieruit werd opgemaakt dat het 2nd Battalion onder de voet was gelopen.

Het werd nu middernacht en er moest een beslissing worden genomen over de verdere actie. De mannen waren al gegroepeerd in twee pelotons, elk bestaande uit vijf secties met een officier aan het hoofd van elke sectie. Ik vroeg een rapport van elke sectiecommandant, die me vertelden dat de munitievoorraad zorgwekkend was. Over het algemeen was er voor elke Bren en Sten nog maar één magazijn elk. De mannen waren ook erg uitgeput.

We hadden vernomen dat XXX Corps de volgende ochtend kon worden verwacht, maar het was al nacht en er was geen geluid van een artillerie beschieting of schieten te horen. De Duitsers voor ons schenen heel onbezorgd hun werk uit te voeren en waren niet aan het haasten, wat het geval was geweest als het XXX Corps in aantocht zou zijn.

Ik maakte daaruit op dat XXX Corps waarschijnlijk niet zouden oversteken naar de noordelijke oever voor de volgende morgen.

Oosterbeek
De school die we bezet hielden was niet ideaal voor een verdediging en bood geen invloed op de brug. Het zou niet mogelijk zijn om het oude brigadehoofdkwartier en de RASC gebouwen te bezetten in de komende twaalf uur totdat ze een beetje waren afgekoeld. Het gebrek aan munitie, het ontbreken van anti-tank munitie en het aantal Duitse tanks en kanonnen in de omgeving in ogenschouw nemende verwachtte ik dat we het ongeveer vijf of zes uur de volgende ochtend zouden kunnen uithouden, maar niet veel langer en als we de brug niet beheersten konden we de strijd ook niet erg beïnvloeden.

Ik besloot daarom dat we meer nodig waren bij de hoofdmacht van de divisie en dat, aangezien we zo veel officieren hadden, de beste manier om de hoofdmacht te bereiken zou zijn om te infiltreren door de stad in secties, elk onder een officier. Ik verzamelde de sectie-commandanten en gaf het bevel om met hun secties naar het westen uit te breken en zo ver mogelijk naar Oosterbeek te komen zolang het nacht was.

Er was ook nog de hoop, natuurlijk, dat XXX Corps hen zou bereiken, wat het tweede deel van de tocht zou vergemakkelijken en de Duitsers zou ontmoedigen om groepen achter hen aan te sturen op donderdag.

Luitenant Harvey Todds sectie zou het eerst gaan en had de taak om kapitein Miller in de St. Eusebiuskerk in te lichten over onze plannen en hem de opdracht te geven hetzelfde te doen. Ik ging later ook naar de kathedraal en doordat ik kapitein Miller niet kon vinden, concludeerde dat hij was verder gegaan.

Twee van de eerste drie secties werden van dichtbij beschoten toen ze vertrokken. Het gehele gebied lag onder onophoudelijk mortiervuur, dat geen schade aanrichtte. Uiteindelijk raakte het Walburgisplein vol met secties die door elkaar liepen.

Dit werd veroorzaakt doordat verschillende secties terug liepen doordat ze Duitsers waren tegengekomen in de Walburgstraat en er niet in slaagden door te breken. Ik hield daarom de laatste drie secties binnen totdat iedereen was gehergroepeerd en verdwenen.

Daarna gaf ik de laatste drie secties het bevel om te vertrekken en nam het bevel over de laatste groep. Het was nu bijna licht en dus besloot ik om hen zo snel mogelijk te verstoppen. Ik vond de ruïnes van een uitgebrand gebouw, verspreidde de mannen en gaf het bevel om zich onder het as en brokstukken te verstoppen tot de volgende nacht.

Na een tijdje werd het duidelijk dat dit onmogelijk was, omdat de asresten veel te heet waren. Ik verplaatste de mannen daarom naar de tuin van het ernaast gelegen huis waar we majoor Munford en zijn sectie aantroffen.

Ik sloot mijn groep bij hem aan en plaatste twee mannen in een werkschuurtje en barricadeerde de rest in een slaapkamer. Dennis Munford kroop onder een houten kist terwijl Anthony Cotterill en ik ons in een kolenhok verstopten.”

Majoor Tibbert werd echter in de ochtend van donderdag 21 september, net zoals het grootste deel van de 130 Britse soldaten, gevangen genomen.
Tony Tibbert wist echter na een paar dagen te ontsnappen. Die ontsnapping leidde tot een oorlogsmisdaad waarbij zes Britse gevangenen werden doodgeschoten. Meer daarover lees je hier.

Tip!

Ga naar Boven

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten