Vernietigde Duitse Tiger-tank in de Weverstraat in Oosterbeek.

De Hexenkessel in Oosterbeek blijft met moeite overeind

in Oosterbeek

De druk vanuit het hoofdkwartier van Hitler om de Britten in de ‘Hexenkessel‘, de heksenketel, in Oosterbeek te vernietigen werd steeds groter. Op maandag 25 september stelden de Duitsers rondom Oosterbeek daarom alles in het werk om de Britten de genadeklap toe te brengen.

Net als de dagen ervoor bestookten de Duitsers de Britse posities met alles wat ze hadden aan mortieren en artillerie. De Duitsers hadden meer dan honderd stukken geschut rond de Britse posities in Oosterbeek staan en die vuurden de hele dag mortieren en granaten in de richting van de Britten. Een officier in hotel Hartenstein noteerde die ochtend in drie kwartier tijd 135 mortier- en granaatinslagen in de buurt van het hoofdkwartier.

Inmiddels waren bij Oosterbeek nieuwe Duitse versterkingen aangekomen, waaronder de 506e Schwere Panzer Abteilung. Die bestond uit 15 Tiger II tanks: de nieuwste en allerzwaarste tanks waarover de Duitsers de beschikking hadden. De Tiger-tanks waren eigenlijk te zwaar voor de straten in Oosterbeek.
Generaal Walter Harzer, van de 9e SS Pantser Divisie: “Wanneer de Tiger-tanks een bocht namen, vlogen de straatklinkers alle kanten op.”

Ondersteund door de Tiger-tanks en de andere Panzers die de Duitsers tot hun beschikking hadden, werd aan de zuid-oostkant van de Britse verdediging een grote aanval uitgevoerd. De aanval had tot doel om de verbinding met de Rijn af te snijden, zodat de Britten volledig door de Duitsers waren ingesloten.

Ratelende tanks
De Lonsdale Force, die de Britse sector ten oosten van de Oude Kerk in Oosterbeek verdedigde, kreeg het zwaar te verduren. Voor het eerst die week slaagden de Duitsers er met hun aanvallen in om door de Britse posities heen te breken.

“Er zijn maar weinig geluiden beangstigender dan het geratel van aankomende tanks”, schreef majoor Blackwood van de Lonsdale Force na afloop.

Urquhart: “Een van onze artillerie-batterijen werd overmeesterd en enige tijd lang bevonden zich vrij veel Duitsers in het gebied dat wij als ontsnappingsroute hadden gekozen. De artillerie-soldaten slaagden er in om hun geschut te draaien en ermee te schieten op de Duitsers die zich op minder dan vijftig meter afstand bevonden.”

Door de artillerie op deze ongebruikelijke manier in te zetten slaagden de Britten er in om de Duitsers te verdrijven, tegen hoge Duitse verliezen.

Majoor Robert Cain had eerder die week al verschillende tanks weten uit te schakelen. Bij de Duitse aanvallen van 25 september voegde hij daar nog een paar nieuwe tanks aan toe. Caine werd na de Slag om Arnhem geëerd met een Victoria Cross, de hoogste Britse militaire onderscheiding.

Omdat er vrijwel geen munitie meer was voor de PIAT anti-tankgeweren, gebruikte Cain een 2-inch mortier in zijn strijd tegen de Duitsers.

“Door kundig gebruik van zijn wapen en zijn moedige leiderschap van de paar man die nog onder zijn bevel stonden, wist hij de vijand volledig te demoraliseren. Die trok zich na een gevecht van meer dan drie uur chaotisch terug”, stond in de voordracht van Robert Cain voor het Victoria Cross.

Artillerie-bombardement
Ook iets ten noorden van de posities van de Lonsdale Force, tussen de Rijn en Hotel Hartenstein, wisten de Duitsers door de Britse linies hen te breken.

In de loop van de dag wisten steeds meer Duitse soldaten in de Britse linies door te dringen. Een Duitse eenheid drong die middag door in het bos tussen Hartenstein en de Rijn tot op 200 meter van het divisiehoofdkwartier. De Britten schakelden daarop de hulp in van het 64e regiment artillerie, dat zich in de buurt van Nijmegen bevond. De Britse artillerie-eenheid kreeg feitelijk het verzoek om op de eigen, Britse posities te vuren.

Urquhart: “Zelden zal een artillerie-bombardement onder zulke zonderlinge omstandigheden hebben plaatsgevonden.”

Dankzij de artilleriesteun en na een verbeten Britse tegenaanval, wisten de Britten laat in de middag de verdedigingslinie weer te herstellen. De gehavende Duitsers trokken zich terug.

Aan het begin van de avond was de Duitse aanval op de Britse stellingen ten einde. De Britten hadden ook op maandag 25 september stand weten te houden, al was het op het nippertje. Na de gevechten werden de soldaten door hun officieren op de hoogte gesteld van het besluit om die nacht de perimeter te verlaten en zich terug te trekken over de Rijn.

“Het was een bitter moment, maar nu er geen eten en munitie over was, het antitankgeschut uitgeschakeld was en de mannen als zombies rondliepen na negen dagen van beschietingen en mortieren, was er geen alternatief”, aldus een van de airborne-soldaten.

De voorbereidingen van de Britse terugtocht over de Rijn
Nadat het besluit was genomen om de restanten van de Britse Airborne Divisie terug te trekken, zat Urquhart met de vraag hoe hij de terugtocht uit Oosterbeek moest organiseren. Urquhart was bang dat de Duitsers al snel zouden ontdekken dat de Britten zich terugtrokken, en dat dit zou leiden tot grote verliezen. Lees verder…

Tip!

Ga naar Boven

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten